Die stem

Bijna 16 jaar geleden stonden we boven op de Col de Rates. Met net in Benidorm gehuurde racefietsjes. Het was al laat in de middag. Nog even, en de zon zou al weg zijn. Kortom: niet al te veel tijd om te blijven hangen. We moesten vlot afdalen naar Parcent en verder naar Lliber, ons vakantie adres.

Ware het niet dat we een eindje onder ons een luid gemiauw hoorden. Het bleek van het eerste parkeerplaatsje in de afdaling af te komen. Op de kaart heet het heel romantisch Mirador del Col de Rates, maar voor de Spanjaarden in deze regio was dit vooral een fijne plek om je oude rotzooi uit de auto te mikken. Of een poes van een paar weken dus.

Het kostte ons toch al gauw 10, 15 kostbare minuten voordat we je te pakken hadden en toen was het met een poes in de regenjas, één hand er tegen aan om te voorkomen dat je er pardoes weer uit zou vallen en één hand om te sturen en te remmen, in de avondschemering gauw naar Lliber afdalen.

Een naam had ik al snel bedacht: Rates. Altijd fijn voor verwarring als mensen vroegen hoe je heette. En zo kwamen er de bijnamen… Graatjes, want je bleef altijd een rank katje, Gratis, wat je helemaal niet was, en natuurlijk Raatjepraatje. Want ja, die stem hé…

Het leven met Sjaak beviel je prima. Ook toen Sjaak extreem bejaard werd en uiteindelijk dood ging, vond je het allemaal prima. Als je maar lekker bij de baas op schoot kon en op tijd te vreten kreeg. Je was niet te beroerd om dat ’s ochtends vroeg al luidkeels te laten merken. Met die stem, dus. Die stem.

Laat ik je medische geschiedenis maar overslaan. Laten we het er op houden dat het vast niet goed is voor een klein katje om de eerste weken van haar leven op een vuilnisbelt door te brengen. Je had zo je bezoekjes aan de dierenarts achter de rug, maar twee jaar geleden begon het grote kwakkelen. Met een oog dat ineens vol bloed zat en daarop volgend een lange periode van steeds weer nieuwe medicijnen. Hoge bloeddruk, extreme schijterij, alles wat je binnenkreeg weer uit kotsen.

En daar zit je dan, anderhalve maand terug kwam je voor het laatst met me mee naar buiten. Lekker bij de baas in zijn nek zitten en van het zonnetje genieten. Toch was goed te merken dat je je niet best voelde. Over je buik kriebelen wilde je al niet meer. Dan kon ik een grom krijgen. Je had steeds kramp en hield niets meer binnen. We hebben alles geprobeerd om je nog op te lappen, maar je viel maar af. Op het laatst was je vel over been en je vrat meer dan een kwart van je eigen lichaamsgewicht per dag. Je had nog niet gegeten of liet al weer luidkeels merken dat je honger had. Want ja, die stem, die was je nog niet kwijt. Die had je al eens eerder het leven gered, dus het zou nu toch ook wel lukken?

Helaas, zo mooi mocht het toch niet zijn. Groetjes aan Sjaak, daar in de eeuwige jachtvelden. Hij zal je stem wel herkennen.

Nu is het stil in huis. Heel stil.